Openbaar

Verhelderende analyse steunt vertrouwen

‘In 1994 zullen de zorgkosten 100% van het bruto nationaal product beslaan’, zo verwachtte de directeur van het CBS in 1976. Guus van Montfort haalt dit in zijn nieuwe boek De Toekomst van de Zorg en het Zorgstelsel aan en laat erop volgen: ‘We zien dat we in 2022 op 10,0 procent zitten en volgens de verwachtingen van de studiegroep Begrotingsruimte op 10,6 procent in 2028.’ Doemscenario’s zijn van alle tijden, zo blijkt uit dit boek, maar een zorgvuldige analyse toont een andere werkelijkheid.

Innovatie komt van ‘de vloer’

Guus van Montfort maakt aannemelijk dat zorgprofessionals en patiënten de drijvende krachten vormen achter innovatie in de zorg. Dat hoeft niet van de overheid te komen. Integendeel, zo betoogt hij, overheid en verzekeraars moeten de zorgpraktijk niet willen voorschrijven. Micro-management is een uiting van wantrouwen. Terwijl er alle aanleiding is tot vertrouwen in drive en vermogen van de werkvloer. Van Montfort heeft dan ook niet veel op met pleidooien voor meer doorzettingsmacht van de overheid die ook nu weer de kop op steken.

Prof. dr. Guus van Montfort
Guus van Montfort, auteur, is emeritus hoogleraar Zorg, Economie en Medische Technologie aan TU Twente, oud-bestuurder en toezichthouder

Systeemspelers

Systeemspelers moeten zich niet op de zorg richten, maar op het systeem, zo stelt de auteur. Stuur op aanbieders en voorzieningen in een regio en speel in op hetgeen in de zorg gebeurt. Hij haalt ‘de waaier’ aan, waarmee Onderwijsminister Robbert Dijkgraaf de veranderende waardering voor praktisch opgeleiden een gezicht gaf. Effecten in instroom zouden al waarneembaar zijn en betere CAO’s zullen volgen.

Vertrouwen als medicijn

Ruimte en een kompas leveren meer op dan ‘doorzetten’ op basis van macht, zo is de les. Van Montfort doet de overheid een behandelvoorstel: ‘Vertrouwen in en op de werkvloer is het effectiefste, beste en goedkoopste beleidsmedicijn.’

Aanrader

Het boek is dan ook te lezen als een gids voor een gezondheidszorgsysteem dat gepersonaliseerde zorg faciliteert en stimuleert. Aan te raden voor ieder die aan zorgbeleid bijdraagt of erover meedenkt!

Voor leden is het boek, met dank aan de auteur, hier als PDF beschikbaar. Een hardcopy exemplaar is verkrijgbaar in de boekhandel. Uitgave SWP, 2024. ISBN 978 90 8560 354 2.

Het boek sluit naadloos aan op de eerdere uitgave van de hand van Van Montfort: Beeld en Werkelijkheid! – Hoe werkt de sturing en bekostiging in de zorg. Dat boek is hier voor leden beschikbaar als PDF.

De gezonde verhouding tussen het macrosysteem van zorgbeleid en het microsysteem in de zorgpraktijk zal onderwerp zijn van een bijeenkomst van het Genootschap in de tweede helft van 2024. Hou de planning hier in de gaten.

“Handvat om verder te werken”

Het is een mooi en zorgvuldig document geworden wat een breed aantal aspecten van gepersonaliseerde zorg beschrijft.” Zo reageert Bertine Lahuis, voorzitter Raad van bestuur van Radboud UMC op het white paper Gepersonaliseerde Zorg: Vanzelfsprekend! “En daarmee [is het] een handvat om verder te werken met elkaar aan Passende Zorg, Eén van de belangrijke pijlers uit het Integraal ZorgAkkoord.

Bertine Lahuis kreeg het white paper namens het Genootschap aangeboden door Gérard Hendriks, lid van de Patiënten Adviesraad van Radboudumc, lid van het Genootschap en één van de auteurs.

Het Genootschap organiseert de komende maanden enkele bijeenkomsten met zorgprofessionals uit het Radboud UMC over hun gepersonaliseerde zorgpraktijken en hun reflecties daarop. Ze zijn (of worden) vermeld op de activiteitenpagina van onze site.

White paper goed ontvangen bij KNMG

Jacqueline Loonen, Jan Hazelzet en Guus van Montfort boden op dinsdag 12 maart jl. namens het Genootschap het white paper aan René Héman aan, voorzitter KNMG.

Bij de in ontvangstname van het whitepaper benoemde René Héman de veranderende rol van de arts, die steeds meer partner en coach van de patiënt wordt, waarbij de focus verschuift van het behandelen van ziekten naar het bevorderen van gezondheid. Om dat te kunnen bereiken, moet er gekeken worden naar de persoonlijke en sociale omstandigheden van de patiënt. “Scheidslijnen tussen eerstelijnszorg, specialisten en het sociale domein moeten worden doorbroken, zodat zorg beter aansluit bij de behoeften van de patiënt. We moeten naar een persoonsgerichte en meer holistische aanpak, waarbij rekening wordt gehouden met individueel gedrag, leefstijl én sociale determinanten van gezondheid,” aldus Héman. (Bron: KNMG)

Aanbieding bij NVZ

Op vrijdag 26 januari nam Ad Melkert, voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ), het white paper in ontvangst. Jacqueline Loonen en Guus van Montfort vertegenwoordigden het Genootschap en lichten het belang van gepersonaliseerde zorg voor patiënten toe. Een vervolg zal niet uitblijven.

Het Genootschap heeft het white paper al in de eerste maand bij vele bestuurders onder de aandacht gebracht. Een beknopt overzicht staat op de pagina Activiteiten van het Genootschap. De voorbereiding voor het vervolg is in volle gang, want bestuurders kunnen het verschil maken voor gepersonaliseerde zorg!

Je vindt het white paper hier.

Geen eenheidsworst

“Protocollen zijn gebaseerd op de gemiddelde patiënt. Die gaan vaak uit van een gezonde groep, meestal mannen. Maar de gemiddelde patiënt bestaat niet. Patiënten zijn vaak ouder en hebben meerdere aandoeningen. Als arts heb je dan de plicht om van een protocol af te wijken en de gevolgen daarvan met je patiënt te bespreken.” Aldus Jan Hazelzet, medeoprichter van het Genootschap in Zorgvisie. Heb je geen abonnement? Leden lezen het hier.

Wietske Vrijland (Santeon) enthousiast

Wietske Vrijland, voorzitter van Santeon, ontving op donderdag 14 december in het Maasstadziekenhuis het white paper van het Genootschap. Ze betoonde zich enthousiast over de inzichten die erin samen komen en over de uitvoering van het white paper: dit is van betekenis voor patiëntenzorg en onderzoek. Santeon is danook graag betrokken in een vervolg met het Genootschap. We praten snel verder.

Lees het white paper hier

Oog voor de persoon bepaalt succes medische behandeling

Persoonlijke factoren en omstandigheden bepalen welke behandeling het beste resultaat oplevert voor de patiënt. Het vergt een verandering van spreekkamer en zorgpraktijk tot beleid en organisatie om die behandeling trefzeker te kunnen kiezen en uitvoeren. Op al deze plekken moet de afstemming van zorg op de patiënt vanzelfsprekend worden. Het zojuist verschenen White paper Gepersonaliseerde Zorg: vanzelfsprekend! roept tot die verandering op. Het Genootschap Gepersonaliseerde Zorg publiceerde dat White paper en biedt het aan bestuurders in de zorg aan. Daarmee wil het verspreiding en verdere ontwikkeling bevorderen van zorg die is afgestemd op persoonlijke behoeften, voorkeuren en waarden van patiënten.

De meest radicale kankertherapie sluit niet voor alle patiënten aan bij hun persoonlijke behandeldoel. Geneesmiddelen laten het afhankelijk van de genen van de patiënt, soms afweten. En de behandeling van mensen met een chronische ontstekingsziekte vraagt meer dan het bedaren van de ziekteactiviteit; mensen moeten ook een goed leven kunnen leiden met de ziekte. Deze voorbeelden tonen dat er tussen diagnose en behandeling niet per sé een één-op-één relatie is. Toch wordt daar in de praktijk vaak vanuit gegaan en dat kan leiden tot een niet-passende behandeling. De patiënt ervaart dan niet de verwachte voordelen van de behandeling, maar vaak wel de nadelen. Gepersonaliseerde zorg is het antwoord op deze misfit. Het White paper gaat uitvoerig in op wat daarvoor nodig is.

Voor de best passende behandelkeuze moeten persoonlijke factoren en omstandigheden worden meegewogen. Daarvoor is dus aandacht nodig in de spreekkamer. Om die te kunnen bieden is een aanpassing van de organisatie nodig: hoe te zorgen dat een team tegen deze taak is opgewassen en hoe maken we dat we flexibel zijn in de tijd die we besteden en de behandelmogelijkheden die we bieden? Ziekenhuizen hebben al goede mogelijkheden om hier met interne bekostiging en stimulering op in te spelen. Deze moeten niettemin verder vergroot worden door beroepsgroepen, verzekeraars en overheid.

Gepersonaliseerde zorg
Gepersonaliseerde zorg neemt twee zaken in overweging om te bepalen met welke behandeling een patiënt het best is gediend: het persoonlijke behandeldoel en het profiel van de patiënt. In gesprek met de patiënt moet helder worden waarop de behandeling en de zorg zich primair moeten en kunnen richten. Het vaststellen van een haalbaar persoonlijk doel legt de basis voor een behandelvoorstel dat bij de persoon past.
Daarnaast nemen we het profiel van de patiënt in de overweging mee. We onderscheiden biologische factoren die van invloed zijn op de effectiviteit en veiligheid van de behandeling en omgevingsfactoren. Genetische factoren kunnen immers van invloed zijn op de werking van geneesmiddelen, evenals microbiële en systemische factoren zoals allergieën. Bovendien is co-morbiditeit een belangrijke factor in de kans van slagen van een therapie.

Ook sociaaleconomische, culturele en fysieke omgevingsfactoren kunnen de optimale behandelkeuze mede bepalen. Leefstijl, leeftijd en woonomgeving zijn namelijk niet alleen van grote invloed op gezondheid, maar ook op de effectiviteit en haalbaarheid van behandelingen.

De best passende behandeling wordt vervolgens gevonden door verschillende aspecten te optimaliseren. Het betreft de medische of chirurgische interventie zelf – maximaal radicaal is vaak ook maximaal belastend –, het gaat om de conditionele voorbereiding en de medische en verpleegkundige begeleiding van de patiënt, bijvoorbeeld met prehabilitatie én het gaat om de uitvoering van de zorg. Kan de patiënt bijvoorbeeld zelf medicatie toedienen, welke consulten kunnen online plaats hebben, etc.

Vóór, mét en dóór de patiënt
De keuzen worden vanzelfsprekend samen met de patiënt, uitgaande van diens behoeften, voorkeuren en waarden gemaakt. Niet alleen de ‘grote keuzen’ zoals al of niet chemotherapie en al of niet opereren, maar ook die van de zorg- en uitvoeringsaspecten. Zorg vóór de patiënt wordt immers mét de patiënt bepaald en mede dóór de patiënt en naasten uitgevoerd.

Deze tekst is eerder als persbericht verspreid.

Blader hier door het whitepaper of download het

Samen balans brengen in behandelbesluiten

“Er waren momenten dat ik zelf wel iets had willen inbrengen”, aldus een deelnemer die aan ovariumcarcinoom werd behandeld, “…maar dat hoefde niet. ‘Het ging allemaal wel vanzelf’, zo werd me gezegd.” Deze ervaring van nog maar vijf jaar geleden toont dat inderdaad meer balans nodig is in het beslissen over medische behandelingen. En daarover ging de Talkshow ‘Beslissen in balans’ donderdag 23 november jl. in Roden.

Talkshow

De talkshow vormde de publieke afsluiting van een project dat moest bijdragen aan het kiezen van de meest passende behandeling voor oudere patiënten met kanker. Het draait erom de context van de patiënt mee te nemen in de afweging van behandelopties. Dat kan gaan om co-morbiditeit, levenswijze en dingen die iemand belangrijk vindt in het leven. Het project heeft laten zien dat zorgverleners enorm kunnen bijdragen aan een goed beeld van de context door onderling informatie en inzichten te delen. De huisarts in het bijzonder is hierin een welkome partner. En zij draagt graag bij – opdat de behandeling écht goed aansluit bij de persoon die ‘m gaat ondergaan.

Wat vooraf ging

Het is een volgende stap in de Groningse inspanningen om te leren begrijpen wat nodig is, voordat de chirurg met het mes aan tafel verschijnt. Eerder was al een geronto-geriatrisch MDO gevormd, waar de deskundigheid en belangstelling bijeen kwam om de context mee te wegen. De verpleegkundige brengt er resultaten in van verkennende gesprekken met patiënt en naasten over behandeldoelen en achtergronden. En gezamenlijk wordt een vast overlegprotocol doorlopen om het best passende behandelvoorstel te kunnen doen. En juist die werkwijze moet de ogen geopend hebben voor de relevantie van bijdragen van collega’s buiten het ziekenhuis.

Toelichting van Barbara van Leeuwen op de ontwikkeling die zij met het team in gang zette – video clip uit de verzameling ‘Inzichten delen’ voor leden
Meer dan verwijsbrief

Het project heeft blootgelegd welke informatie aanvullende waarde heeft om beslissen in balans te brengen (meer daarover in de implementatiegids). Even bellen met de huisarts voegt een rijkdom aan informatie en inzichten toe, die met de verwijsbrief niet te evenaren is. “Ik waardeer het als ik gebeld wordt”, aldus een deelnemende huisarts, “…zeker, we hebben het druk en er zijn echt taken waarvan ik verlost zou willen zijn, maar dit neem ik er graag bij!”

Implementatiegids

Het project heeft o.m. tot een implementatiegids geleid aan de hand waarvan ook anderen Samen beslissen bij ouderen met kanker kunnen invoeren. We stellen die hier met toestemming van de projectleiders beschikbaar.

“‘t Persoonlijk profiel moet leidend zijn”

Precisiegeneeskunde neemt het persoonlijk profiel van de patiënt als vertrekpunt om de passende behandeling te kiezen. “We hebben veel behandelmogelijkheden, maar we realiseren ons dat niet alles voor iedereen geschikt is”, aldus Angelique Weel, reumatoloog. Roken, bewegen, genen – zoveel factoren zijn van invloed op ontstaan en beloop van de ziekte én op de reactie op geneesmiddelen.

Zij presenteerde haar aanpak dinsdag 14 november 2023 bij het Genootschap. De toepassing in de reumatologiepraktijk leek welhaast vanzelfsprekend – althans in de Santeon ziekenhuizen, waar Angelique medical lead is voor de reumatologie. We waren onder de indruk van de complexiteit die de behandelaar moet overzien om optimaal te behandelen. “Als ik hoor ‘precisiegeneeskunde’, dan denk ik: ‘Ha! Minder bijwerkingen'”, aldus één van de toehoorders met ervaring als chronisch patiënt.

De presentatie is voor leden hier terug te kijken

Scroll to top